De andersom-rechter. Een Italiaans kinderboek over tegendraads rechtspreken, waarvoor de schrijfster Luciana Breggia inspiratie vond bij Carlo Collodi en Etty Hillesum

Pinokkio was sprakeloos toen de rechter zijn twee als gendarmes verklede honden opdroeg hem in de gevangenis te gooien. Hij was het slachtoffer van de boosdoeners die hem op slinkse wijze vier gouden ducaten afhandig hadden gemaakt. Hij was onschuldig en hij moest nota bene in ‘t kot! De kleine en grote lezers van Collodi’s wereldberoemde verhaal weten dat hij na vier maanden weer vrij kwam en in de restende zeventien hoofdstukken nog een hele reeks fantastische avonturen zou beleven, voor hij aan het einde van het verhaal het brave jongetje van vlees en bloed zou worden.

Maar wie was eigenlijk die rechter en wat was er van hem geworden? In hoofdstuk negentien schrijft Collodi, de rechter is ‘… een gorilla, een heel oude eerbiedwaardige aap, eerbiedwaardig door zijn hoge ouderdom, door zijn witte baard, maar vooral door zijn gouden bril zonder glazen’. We horen van Collodi niets meer over deze merkwaardige vertegenwoordiger van de rechterlijke macht, maar de meeste lezers, geboeid door Pinokkio’s nieuwe avonturen, zullen diens verrassend onrechtvaardige vonnis al wel snel vergeten zijn.

Zo niet Luciana Breggia. Zij publiceert in 2015 bij de Turijnse uitgeverij Einaudi het kinderboek ‘De andersom-rechter’, mijn vertaling van Il giudice alla rovescia. Zij stelt op de eerste pagina’s vast, dat deze rechter, waarop Pinokkio tevergeefs een beroep op had gedaan, toch wel wat vreemd had gehandeld. En bovendien had hij op zekere dag het dorp de rug toegekeerd. Opgestapt. Verdwenen. Waar was hij heengegaan? Niemand kon het zeggen.

Maar, o wonder, op zekere dag verscheen hij in een ander dorp, waar al heel lang geen rechter meer zitting had gehouden en waar volgens de bewoners zo iemand echt heel

De rechter

hard nodig was. Zij vroegen hem te blijven. Hij stemde toe en betrok een comfortabel huis aan de rivier. Dit werd ‘het huis van het recht’ en druk bezocht zoals we zullen zien. Hij bleek nogal veranderd en had onmiskenbaar menselijke trekken gekregen, maar twee attributen uit Pinokkio zijn door de schrijfster gehandhaafd: de bril en het belletje.

De rechter in Breggia’s boek blijkt in alles het tegendeel van de ‘eerbiedwaardige aap’ in Pinokkio, maar het verhaal blijkt vooral, dat hij er een radicaal ander idee over opvoeden op na houdt.

De schrijfster presenteert in vijf hoofdstukjes enkele alledaagse gebeurtenissen: conflicten tussen buren, diefstal en de ruzie tussen twee broers over een erfenis. In de eerste episode ‘De steeneik’ en de derde ‘De antenne’ zijn het de buren die gezamenlijk hun meningsverschillen aan de rechter voorleggen. De eik staat op de grond van de ene buur maar geeft overlast aan de andere omdat hij zeer groot is en over het huis van de tweede buur torent.  Hij belemmert niet alleen het daglicht, zegt de klager, maar laat zijn vallende bladeren en eikels achter op het dak en in de dakgoot. Na de zoveelste woordenwisseling en in aanwezigheid van de rechter, die had besloten de situatie ter plaatse in ogenschouw te nemen, zegt de eigenaar van de boom dat zijn buurman hem dan maar moet kappen, dan wordt de bron van overlast en onenigheid resoluut uit de weg geruimd. De eik reageert geschokt en verdrietig en wendt zijn magische krachten aan om de rechter ervan te overtuigen het dreigende de onheil af te wenden. Met behulp van zijn vriend de wind laat hij een wolk jonge bladeren over hem heendalen. De rechter verbiedt het kappen van de steeneik en vonnist dat de twee mannen voortaan samen voor de boom moeten zorgen, maar dat zij ook van zijn stabiele aanwezigheid moeten genieten: van zijn natuurlijke schoonheid en de koelte waar zijn rijke bladerdek in de warme zomermaanden voor zorgt.

In het verhaal ’De antenne’ gaat het om een ‘vogeldrager’ (portauccelli, een door Breggia bedacht woord): een antenne die met een stel extra buizen is uitgerust waarop zwaluwen kunnen neerstrijken. De jonge vogels gebruiken de buizen als springplank om te leren vliegen, daarbij gecoached door hun ouders, die er op plaatsnemen om op hun gemak ornithologisch van gedachten te wisselen. Dat de antenne in werkelijkheid een vogeldrager zou zijn, beweert het echtpaar op leeftijd, de eigenaars ervan. Hun buurman spreekt echter over een antenne, die niet conform is aan de regels, overlast bezorgt en derhalve verplaatst dient te worden. De rechter besluit dat zij gevieren vanaf het balkon van de klager het vogelgedrag zullen gaan observeren. De klager kwam na enige uren tot het inzicht dat hier inderdaad iets anders aan de hand was. Hij werd zelfs enthousiast over het gedrag van de zwaluwen en besloot zijn klacht in te trekken.

Het thema diefstal wordt in het tweede hoofdstuk uitgewerkt. Een uitgehongerd zestienjarig meisje probeert een streng worstjes te stelen maar wordt gesnapt en door de twee dorpsagenten voor onze rechter geleid. Het drietal wordt vergezeld door luidruchtige dorpelingen, die van het bijna-misdrijf getuige waren geweest. De rechter vraagt of zij het meisje kennen, maar op die precieze vraag blijven zij het antwoord schuldig. Niettemin spreken zij zich over haar uit in stereotypen en vooroordelen die zijn gebaseerd op haar zigeunerachtige uiterlijk. Dan vraagt de rechter de aangeklaagde om haar versie te vertellen. Uit haar verhaal blijkt dat alle dorpelingen hadden geweigerd haar iets te eten en te drinken te geven. In de discussie tussen de rechter en de dorpelingen legt hij uit dat zij het tegenovergestelde hebben gedaan van wat zij hadden moeten doen, namelijk haar helpen. Tot inzicht gekomen besluiten zij het weesmeisje in hun gemeenschap op te nemen.

Uit deze voorbeelden moge blijken op welke manier onze rechter te werk is gegaan. In de andere twee episoden gaat het er niet anders aan toe. Het procedé toont aan dat de aanklagers de werkelijke ‘schuldigen’ zijn. Gebrek aan inzicht in de omstandigheden van de ander, kortzichtigheid, egoïsme en het onvermogen om tot redelijk overleg te komen, brengt ze ertoe zich tot de magistratuur te wenden. Terwijl Collodi zijn personage onschuldig in het gevang laat werpen, worden in het boek van Breggia de aanklagers tot verantwoording geroepen.

Het rechtspreken dat Breggia’s ideale magistraat beoefent, is een vorm van bemiddeling bij conflicten. Hij stimuleert de inwoners van het dorp solidair en in gemeenschappelijk overleg te handelen. Zij moeten voor elkaar zorg en verantwoordelijkheid opbrengen. De rechter maakt de bewoners ervan bewust dat ieder van hen kan bijdragen aan het oplossen van de conflicten die in een gemeenschap van met elkaar samenlevende mensen kunnen ontstaan.

In het zevende hoofdstuk kondigt de rechter zijn vertrek aan. Hij geeft een afscheidsfeestje in de tuin van zijn huis, het huis van het recht, en verklaart uit dat hij met een gerust hart weg kan gaan, want zij zijn nu immers in staat zelf hun conflicten op te lossen. Voor hij opstapt, zegt hij:

Het is moeilijk om precies te zeggen wat we met de gerechtigheid bedoelen, maar het is zeker dat zij alleen kan zegevieren als ze door allen wordt gevoeld en gepractiseerd. Ieder van jullie draagt een klein fragment van haar in zichzelf mee. Ik heb vastgesteld dat jullie nu voldoende hebben geleerd om haar de juiste plaats te geven in de lastige legpuzzel van jullie onderlinge onenigheden en problemen. Mij hebben jullie daarvoor gelukkig niet meer nodig en dat is een goede zaak.

Dat er in ieder mens een stukje gerechtigheid aanwezig zou zijn, doet denken aan Etty Hillesum die meende dat in elk mens een stukje van het Goede aanwezig is. Deze bron van inspiratie is niet vergezocht, aangezien Luciana Breggia in 2011 een boek over haar persoonlijke ervaringen met de lectuur van het dagboek van Hillesum heeft gepubliceerd: ‘Woorden met Etty. Un parcours naar het heden’ (Parole con Etty. Un itinerario verso il presente). Op dit boek kom ik nog terug.

Nota

Luciana Breggia is magistraat en verbonden aan het Gerechtshof van Florence.

De afbeelding van de ‘aap’ is afkomstig uit de reprint van de hieronder genoemde uitgave van 1883, de overige drie uit het boek van Breggia, dat voorbeeldig werd geïllusteerd door Barbara Cantini. Het is volledig in vierkleurendruk uitgevoerd. De illustraties en de tekst vormen een fraaie eenheid.

Carlo Collodi, De avonturen van Pinokkio, 85-86. Vertaald door Delforno. Voor deze vroege editie zie: dbnl voor een pdf van de tweede druk. De oorspronkelijke Italiaanse uitgave: Carlo Collodi, Le avventure di Pinocchio. Storia di un Burattino. Illustrazioni di Enrico Mazzanti, dalla prima edizione del 1883.

De gegevens van het boek: Luciana Breggia, Il giudice alla rovescia, Einaudi, Turijn, 2015, 2e druk maart 2016. isbn 9788866562474.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Italiaanse schrijvers en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Plaats hier uw reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s