Aswoensdag 2013: Paus Benedictus XVI over Etty Hillesum

Het is 13 februari 2013, aswoensdag. Vijftien dagen vóór zijn terugtreden schenkt  Benedictus XVI tijdens de woensdagse audiëntie aandacht aan Etty Hillesum en leest een citaat uit haar dagboek. De hoogste autoriteit van de rooms-katholieke kerk brengt Etty Hillesum voor het aangezicht van de wereld.

Ziehier mijn vertaling van de alinea uit de tekst die Benedictus XVI heeft voorgelezen. Hij heeft eerst iets gezegd over Pavel Florenski, die tot het geloof was teruggekeerd, en vervolgt:

‘Ik denk ook aan Etty Hillesum, een jonge Nederlandse vrouw van Joodse afkomst, omgekomen in Auschwitz. In het begin stond zij ver van God, maar ze ontdekt hem als zij diep in haar innerlijk doordringt. Zij schrijft: “Binnen in me zit een heel diepe put. En daarin zit God. Soms kan ik erbij. Maar vaker liggen er stenen en gruis voor die put, dan is God begraven. Dan moet hij weer opgegraven worden.” In haar diffuse en fragmentarische leven hervindt zij God, in het midden van het grote drama van de 20ste eeuw, de Sjoa. Deze  jonge vrouw, eerst fragiel en ontevreden met zichzelf, dan verheerlijkt door het geloof, groeit uit tot een vrouw vol van liefde en innerlijke rust; op dat punt aangekomen kan zij zeggen: “Ik leef in een ononderbroken intimiteit met God.”’

Het eerste citaat is uit de dagboeknotitie van 26 augustus 1941 (Het Werk, 97.) en het is opmerkelijk dat in de Italiaanse tekst wordt verwezen naar: “Diario, 97”. Ik dacht aanvankelijk dat de verwijzing terugging op de Italiaanse editie waarover ik hier eerder berichtte, maar dat is niet zo want de paginanummers daarin zijn 60 en 153, respectievelijk de in antologie (1985) en de integrale Italiaanse editie (2012). Maar ook de pauselijke vertaling wijkt af, zij blijft dichter bij de Nederlandse tekst. De vraag kwam op, heeft Benedictus XVI het Nederlandse origineel op zijn schrijftafel gehad? De aardige gedachte is mij even bij gebleven: de paus die het werk van Etty Hillesum in háár moedertaal leest. Maar het blijkt niet zo te zijn. De vertaling is uit het kleine Hillesumboek van de karmelites Cristina Dobner, waarin zij een ruime selectie door haar vertaalde teksten heeft opgenomen (Etty Hillesum. Pagine mistiche, 2007, 112).

De zin waarmee de paus zijn alinea afsluit: ‘Vivo costantemente in intimità con Dio.’, lijkt een parafrase op de zin uit Hillesums brief van 18 augustus 1943 uit Westerbork aan Henny Tideman: ‘Mijn leven is geworden tot één ononderbroken samenspraak met jou mijn God […].’ (Het Werk, 682.). De auteur geeft hierbij geen paginaverwijzing, maar dat zij hem vergeven, gezien de turbulente tijden waarin zijn kerkelijke leiderschap verkeert.

Hier past nog een opmerking over de context waarin de aan Hillesum gewijde alinea is opgenomen. Het was op 13 februari aswoensdag, de aanvang van de vastentijd. De paus stelt het begrip ‘zich bekeren’ (convertirsi) aan zijn toehoorders voor als leidraad voor de 40 dagen die hen van Pasen scheiden, en biedt een drievoudige invulling van de term: “[…] het volgen van Jezus op een manier dat het Evangelie de praktische gids voor ons dagelijks leven wordt; toelaten dat God ons transformeert, zodat we ophouden te denken dat wij degenen zijn die ons bestaan bepalen; en ten derde, dat we erkennen van God en van zijn liefde afhankelijke schepsels zijn, en beseffen, dat wij slechts in Hem ons leven ‘verliezende’, wij het weer kunnen terugkrijgen.” Het begrip ‘transformatie’ is hier het Leitmotiv, en derhalve het thema, dat in zijn alinea over Hillesum centraal staat. En niemand zal ervan opkijken dat hetzelfde begrip een vooraanstaande plaats bekleedt in de Italiaanse katholieke Hillesumreceptie.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Italiaanse Hillesum Kroniek en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.